Het sterrenbeeld Zwaan

Zwaan (Cygnus)
Zwaan · Helderste ster: DenebSterrenbeeld in het sterrenregister bekijken

Steekkaart

Latijnse naam
Cygnus (Cyg)
Helderste ster
Deneb (α Cyg)
Relatieve helderheid
1,25 mag
Hipparcos-catalogus
HIP 102098
Oppervlakte
804 deg² (plaats: 16 van 88)
Rechte klimming
19h 07m 30s tot 22h 03m 03s
Declinatie
+27° 43' 57'' tot +61° 21' 28''
Aangrenzende sterrenbeelden
Cepheus, Draak, Lier, Vosje, Pegasus, Hagedis

Zichtbaarheid

Noordelijke hemelBerlin
Zuidelijke hemelSydney
zichtbaargedeeltelijk zichtbaarniet zichtbaar22.00 uur plaatselijke tijd, op ten minste één dag per maand

Het sterrenbeeld Zwaan

De Zwaan is een sterrenbeeld van het noordelijk halfrond. Het sterrenbeeld is gedeeltelijk circumpolair rond de noordpool. Dat betekent dat enkele van zijn sterren zo dicht bij de hemelpool staan dat ze, gezien vanuit Berlijn, nooit ondergaan. Een deel van het sterrenbeeld staat daar dus het hele jaar boven de horizon. De Zwaan wordt ook vaak het “Noorderkruis” genoemd. De helderste ster is α Cygni, met de Arabische naam Deneb (staart). Deneb maakt deel uit van de beroemde Zomerdriehoek, een eenvoudige sterrengroep aan de noordelijke hemel, samen met Wega, de helderste ster van de Lier, en Altaïr, de helderste ster van de Arend. Over ca. 8.000 jaar zal Deneb de Poolster zijn. Op dit moment is dat Polaris in het sterrenbeeld Kleine Beer. Omdat hij vrijwel precies boven de geografische noordpool staat, blijft hij als enige ster van het noordelijk halfrond altijd op dezelfde plek aan de hemel. Door de schommeling van de aardas zal hij deze bijzondere positie echter niet eeuwig behouden. Aan de hals van de Zwaan ligt Cygnus X-1. Het was het eerste object dat astronomen als zwart gat classificeerden. Met zo’n 21 zonsmassa’s zuigt het gas weg bij een begeleidende ster.

Mythologie

In Griekse sagen verandert Zeus, de oppergod, zich onder meer in een zwaan om onherkend mooie vrouwen te benaderen. Een daarvan gaat over de tweeling Castor en Pollux. Hun moeder Leda, de koningin van Sparta, viel op een dag voor de charme van Zeus, die haar als zwaan bezocht. In dezelfde nacht sliep zij echter ook met haar echtgenoot, koning Tyndareos. Leda baarde vier kinderen, twee van Zeus en dus onsterfelijk, en twee van Tyndareos. Pollux was een zoon van Zeus, Castor een zoon van Tyndareos. De onafscheidelijke broers werden uitstekende strijders en beleefden samen heldhaftige avonturen. Bij een twist met hun neven sneuvelde Castor, waarop Pollux Zeus vroeg zijn onsterfelijkheid met zijn broer te mogen delen. Voortaan brachten zij hun dagen afwisselend door in de Hades, de onderwereld, en op de Olympus, de berg van de goden. Voor hun broederliefde werden beiden, voor eeuwig innig omstrengeld, aan de hemel geplaatst.

Een andere overlevering gaat over Phaëthon, de zoon van de zonnegod Helios. Hij had de zonnewagen van zijn vader geleend, maar door zijn overmoedige rijstijl raakte de wagen buiten controle en dreigde de aarde te verbranden. Zeus doodde hem nog net op tijd met een bliksemschicht, waarop hij in de rivier de Eridanus stortte. Phaëthons vriend koning Kyknos was daarover mateloos bedroefd en zwierf voortaan treurig langs de oever van de Eridanus. De goden kregen ten slotte medelijden en plaatsten Kyknos in de gedaante van de zwaan aan de hemel.