
Steekkaart
- Latijnse naam
- Dorado (Dor)
- Helderste ster
- α Doradus (α Dor)
- Relatieve helderheid
- 3,27 mag
- Hipparcos-catalogus
- HIP 21281
- Oppervlakte
- 179 deg² (plaats: 72 van 88)
- Rechte klimming
- 3h 53m 17s tot 6h 35m 45s
- Declinatie
- -70° 06' 15'' tot -48° 40' 12''
- Aangrenzende sterrenbeelden
- Graveerstift, Slingeruurwerk, Net, Kleine Waterslang, Tafelberg, Vliegende Vis, Schilder
Zichtbaarheid
Het sterrenbeeld Goudvis
De Goudvis is een sterrenbeeld van het zuidelijk halfrond. Het sterrenbeeld is gedeeltelijk circumpolair rond de zuidpool. Dat betekent dat enkele van zijn sterren zo dicht bij de hemelpool staan dat ze, gezien vanuit Sydney, nooit ondergaan. Een deel van het sterrenbeeld staat daar dus het hele jaar boven de horizon.
Hoewel de sterren van het sterrenbeeld Goudvis aan het firmament maar moeilijk te herkennen zijn, heeft het sterrenbeeld hemelwaarnemers met de Grote Magelhaense Wolk (LMC) heel wat te bieden. Deze werd genoemd naar de Portugese wereldomzeiler Ferdinand Magellaan, omdat ze door zijn reis rond de wereld in Europa bekend werd. Het gaat om een zelfstandig sterrenstelsel met vele miljarden sterren op zo’n 160.000 lichtjaar afstand, dat met het blote oog te zien is. Aan het noordoostelijke uiteinde van de Grote Magelhaense Wolk (LMC) ligt de beroemde Tarantulanevel (NGC 2070), een reusachtig stervormingsgebied dat door zijn spinachtige structuur aan een tarantula doet denken. Ook de Tarantulanevel is met het blote oog zichtbaar. Hij staat ook bekend als 30 Doradus, omdat men de nevel vroeger voor één enkele ster hield. In de buurt ervan lichtte in februari 1987 de supernova SN 1987A op, de eerste met het blote oog zichtbare supernova sinds 1604.
Dankzij de Grote Magelhaense Wolk (LMC) is het sterrenbeeld Goudvis ondanks zijn lichtzwakke sterren gemakkelijk aan het firmament te vinden. Een extra hulpmiddel is de ster Canopus in het sterrenbeeld Kiel. Hij is de op één na helderste ster aan het firmament en staat ten noordoosten van het sterrenbeeld Goudvis.
Geschiedenis
Het sterrenbeeld verschijnt voor het eerst in 1598 op de hemelglobe van Petrus Plancius, onder de Spaanse naam Dorado. Dorado betekent eigenlijk “goudmakreel” (Coryphaena hippurus), een consumptievis uit tropische en subtropische wateren. Petrus Plancius kende deze vis en de sterrengroep uit de aantekeningen van de twee Hollandse zeevaarders Pieter Dirkszoon Keyser en Frederick de Houtman. In 1603 nam de Duitse astronoom Johannes Bayer het sterrenbeeld onder de naam Dorado op in zijn hemelatlas. Johannes Kepler noemde het in 1627 in de Rudolfijnse Tafels Xiphias (zwaardvis). Die naam gebruikten later ook Halley, Hevelius en Johann Elert Bode in zijn Uranographia (1801). In het Nederlands heet het sterrenbeeld Goudvis, internationaal geldt Dorado. Met die goudvis is echter niet de bekende siervis bedoeld, maar de goudmakreel.
