
Steekkaart
- Latijnse naam
- Microscopium (Mic)
- Helderste ster
- γ Microscopii (γ Mic)
- Relatieve helderheid
- 4,68 mag
- Hipparcos-catalogus
- HIP 103738
- Oppervlakte
- 210 deg² (plaats: 66 van 88)
- Rechte klimming
- 20h 27m 36s tot 21h 28m 10s
- Declinatie
- -45° 05' 24'' tot -27° 27' 35''
- Aangrenzende sterrenbeelden
- Steenbok, Boogschutter, Telescoop, Indiaan, Kraanvogel, Zuidervis
Zichtbaarheid
Het sterrenbeeld Microscoop
De Microscoop is een sterrenbeeld van het zuidelijk halfrond. Zijn helderste ster is γ Microscopii, die een schijnbare helderheid van slechts 4,68 mag heeft. Het sterrenbeeld ligt ten zuiden van het sterrenbeeld Steenbok en ten oosten van het sterrenbeeld Boogschutter.
Toch hebben ook onopvallende sterrenbeelden voor hun waarnemers wel een verrassing in petto. Zo werd in 2003 rond de nog zeer jonge ster AU Microscopii een puinschijf ontdekt, die een geboorteplaats voor nieuwe planeten zou kunnen zijn. Sinds 2020 zijn daar ook twee jonge planeten aangetoond.
Interessant is ook de eveneens nog zeer jonge ster BO Microscopii, die onder astronomen bekendstaat als “Speedy Mic”. In amper negen uur draait Speedy Mic eenmaal om zijn eigen as. De aarde heeft daar daarentegen 24 uur voor nodig en de zon 26 dagen.
Geschiedenis
De Franse theoloog Nicolas-Louis de Lacaille, die zijn leven aan de astronomie, de geodesie en de wiskunde wijdde, voerde 14 nieuwe sterrenbeelden van het zuidelijk halfrond in. In 1750 vertrok hij voor een vierjarige reis naar Kaap de Goede Hoop, om o.a. de sterrenbeelden van de zuidelijke hemel waar te nemen. Daarbij catalogiseerde hij bijna 10.000 sterren. Zijn nieuwe sterrenbeelden vernoemde Nicolas-Louis de Lacaille meestal naar technische instrumenten. Zo ontstonden de sterrenbeelden Beeldhouwer, Oven, Graveerstift, Luchtpomp, Schilder, Microscoop, Net, Octant, Slingeruurwerk, Kompas, Tafelberg, Telescoop, Winkelhaak en Passer. Daarnaast verdeelde hij het grote antieke sterrenbeeld Schip Argo in de drie sterrenbeelden Kiel, Achtersteven en Zeilen. Zijn sterrencatalogus van het zuiden verscheen in 1763, een jaar na zijn dood, onder de titel “Coelum Australe Stelliferum”. Zijn 14 nieuwe sterrenbeelden hebben gemeen dat ze uit relatief lichtzwakke sterren bestaan.
